Een heel klein epos


Een heel klein epos
Een verhaal schrijven is vaak leuk. Je mag een gebeurtenis voor de eeuwigheid vastleggen als je een verslag schrijft. Een epos voor de eeuwigheid. Als Achilles en zijn streken of Odysseus en zijn omzwervingen. Maar wat als de potentiële helden van jouw epos geen heldendaden verrichten?
Dan wordt het alsof je een Sinterklaasgedicht moet schrijven. Het zwarte pieten (het verslag toeschuiven) was toepasselijk voor de tijd van het jaar, maar blijkbaar is een invaller met veel te veel tijd omhanden (als ie toch 2 uur in de trein zit), de ideale verslagjesschrijver. En zo werd ondergetekende als vrijwillig verslagjesschrijver 'aangewezen'. Toch ook daar een mooie 100% score dan maar in ieder geval, 2 wedstrijden, 2 verslagen.
Laten we beginnen met de helden van deze dag: John Nieuwland en Rob van Dijk. En met de vraag waarom John niet zonder Rob kan? Want met een Dijk maak je nieuw land, vraag ze dat maar in Flevoland. Vaak worden de stille helden vergeten. Alleen niet deze keer. De Swan was al bezet, dus we moesten uitwijken naar een andere locatie. Met dank aan John konden we terecht in het buurtcentrum De Horst en dankzij Rob was ook het materiaal daar om onze potentiële heldendaden mee te verrichten.
Wedstrijd een uurtje vervroegd om op tijd weer de zaal uit te zijn (gelukkig mocht we nog tot 6 op zaterdag). En een tegenstander die er ook zin in had, dus alle ingrediënten waren aanwezig. En we begonnen goed met de wind in onze zeilen, ja of onze wieken. Maar wat wil je met een van Oostrum, een Wester en daar tussenin een Meulen.
Kasper kwam uit een e4-e5 opening met een dubbelpion op c6 te zitten, maar daar was ook eigenlijk al het nadeel mee benoemd. Zijn stukken stonden een stuk actiever (zeker in vergelijking met zijn pot 3 weken geleden) en daar stond het dus in ieder geval licht beter. Hetzelfde kon worden gezegd van de stelling van Marijn, die ook stuk actiever stond in een Siciliaan en zijn tegenstander steeds verder naar achter drukte. Ook bij Gerrit stond de witte stelling een stuk actiever. En Dennis had helaas wel zijn dames af moeten ruilen maar de lopers keken vervaarlijk naar de vijandige stelling. En ook aan de lagere borden ging het prima. Karel stond minstens gelijkwaardig en misschien wel iets beter al. Maarten stond iets beter na een Pf3 opening en ook Mats was bezig zijn tegenstander flink achteruit te drukken. Ondergetekende was eigenlijk de enige vreemde eend in de bijt/vreemde snuiter, u noemt het. Om een bepaalde variant uit de weg te gaan, had ik een iets mindere zet gespeeld en daar moest ik de rest van de opening mee uitzingen.
Maar uur 1 zat erop en eigenlijk was er geen vuiltje aan de lucht. Maar de weergoden buiten waren het daar op dat moment al niet mee eens en de schaakgoden blijkbaar ook niet, want die lieten onze helden hierna nog hard zweten.
Marijn en Kasper waren wel snel klaar want nog voor het 2e uur erop zat hadden zij beiden de vis op het droge. Kasper had na de opening de open lijnen veroverd en zijn lopers in stelling gebracht. Dit ging sowieso materiaal opleveren maar zijn tegenstander hielp met de zetten nog wel iets meer mee. Waardoor Kasper met materiaalwinst alle actieve stukken van zijn tegenstander af kon ruilen en daarna de passieve stukken op de achterste rij vast kon zetten. Hier had zijn tegenstander wel genoeg gezien en die gaf op. Ook Marijn kon de druk blijven opvoeren, meermaals leken er mooie openingen in de stelling te zitten. Maar zoals een echte Wester(storm) bleef Marijn beuken tot er een scheurtje ergens in de stelling ontstond en daar wist hij dan ook zeer gedecideerd gebruik van te maken. En zo stond er vrij snel een 2-0 tussenstand op het bord. Maar zonder de Wester in de wieken van de molen viel op alle andere borden blijkbaar de tegendruk weg.
Dennis had zijn mooie stelling weggegeven en was in een verbitterde strijd om de h-pion beland. Ook Gerrit was het Friese pad blijkbaar bijster, want zijn stelling was ook bij lange na niet zo goed meer als hij was geweest en ook bij Maarten werd de stelling zienderogen minder. En als klap op de vuurpijl besloot Mats alvast voor Sinterklaas te spelen door een stuk in een penning te zetten. Komt voor de Bakker, deze overwinning...
Met een remise aanbod bij mij op zak, ging ik even langs bij teamcaptain Karel, die als één van de weinige deze ronde wel zijn betere stelling aan het uitbouwen was. Als een echte teamcaptain besloot Karel zijn bord te verlaten (terwijl hij aan zet was) en liet hij zijn licht schijnen over de borden.
En ik weet niet of het lichtende voorbeeld van deze ronde door je tegenstander met goed spel van het bord te spelen of het verbeten niet opgeven uit de vorige ronde was. Maar de blik van Karel de Grote als het licht uit de vuurtoren van Alexandrië was blijkbaar wel het licht in de bulderende Kennemer storm waar het Vlaggenschip van Heerhugowaard (of de Baggerschuit? naar de kwaliteit van ons collectieve spel op dat moment) danig behoefte aan had.
Karel besloot mij de opdracht mee te geven door te spelen en liet zijn licht nog 1 keer schijnen over de overige borden om weer achter het zijne plaats te nemen. Zienderogen verbeterden stellingen weer. En kwam het einde van de storm in zicht.
Mijn partij kantelde na het doorspeel order vrij abrupt, alsof Karel eigenhandig alle wind uit de zeilen van mijn tegenstander had genomen. Eigenlijk stond de partij de hele partij remise en op het moment van het aanbod zag ik ook zeker niet hoe ik het ging winnen. Maar nadat mijn loper redelijk gevaarlijk de vijandige stelling binnenviel liet mijn tegenstander ook pardoes een toren instaan die het pleit beslechtte. En zo stond het zowaar ineens 3-0.
Maarten had op het bord ernaast ondertussen een Konijn, oh nee die was er juist niet, uit de hoge hoed getoverd. Waar het een aantal zetten eerder er verdacht op leek dat donkere wolken boven het bord zich samenpakten, had Maarten de stand in pionnen weer gelijk getrokken en was er ook al 1 van de dubbele a‑pionnen verdwenen. Maar Maarten wist nog niet hoe deze Haas die andere Koe op de a-lijn moest gaan oprapen. En omdat hij zag dat de overwinning binnen was bij Karel besloot hij daarom remise aan te bieden, wat geaccepteerd werd. Er had misschien nog wat ingezeten om voor verder te spelen, maar daar as as as en iets met verbrande turf.
Maar zo was er een 3½-½ tussenstand op het bord beland met nog 4 partijen te gaan. Karel was deze ronde de man die het verlossende punt op het scorebord knalde (Nostradamus kan trots zijn op die voorspellende gave uit het vorige verslag). Karel heeft de hele wedstrijd een overwicht gehad en dat vakkundig uitgebouwd en keurig afgemaakt. Een overwinning waar weinig op af te dingen viel, maar één die keihard nodig was.
Gerrit had zijn Friese Catamaran ook weer recht op het water (of op het rechte Friese pad?) weten te krijgen, waarna een remise volgde. Het leek in de opening een redelijk stellingvoordeel, maar ook in het Friese lag de competitie stil, dus het zal wellicht een gebrek aan wedstrijdritme zijn geweest (of een gebrek aan analytische kunde bij de schrijver dezes, ook zeker een mogelijkheid). Maar in ieder geval een 5-1 tussenstand.
Mats moest daarna wel het onderspit delven. Na het weggeven van een kwaliteit leek hij zich terug te kunnen knokken dat het slechts twee stukken tegen een toren waren, maar toen hij daarna nog een pion weggaf ging het van kwaad tot erger. Waarop hij opgaf.
Was alleen Dennis nog over en die had alle schepen achter zich verbrand door in een remise stelling door te spelen, omdat hij dacht dat het team slechter stond en dus zetherhaling uit de weg ging. Helaas kwam hij er vrij snel daarna achter dat het niet nodig was, maar toen was zijn eigen stelling al verloren. Erg zonde want ook hier waren er gedurende de partij genoeg kansen geweest voor een zeer mooie aanval op de koningsstelling. As as as, toch misschien dat turfschip zeewaardig maken?
Maar ok, opnieuw een overwinning. Helaas zonder al te veel heldendaden voor een epische ode, maar daar was het misschien ook niet de wedstrijd voor. De heldenrollen waren deze keer weggelegd voor John en Rob en misschien een beetje Karel. Maar ook het echte belangrijke werk moet nog komen, niet elke veldslag kan een heldenverhaal opleveren. Komende twee rondes, als ze doorgaan, tegen Boven IJ en Opening '64, sterke tegenstanders met de koppositie op het spel. Laat Homerus zijn ganzenveren alvast maar slijpen.